Banner

site-logo-2g

home3 bb Nieuws


Voorbeeld notulen uit 2003 - Notulen welstand en monumenten gemeente Utrecht 11 februari 2003
Inhoudsopgave
Voorbeeld notulen uit 2003
Notulen welstand en monumenten gemeente Utrecht 11 februari 2003
notulen welstandscommissie gemeente Utrecht 11 februari 2003
notulen commissie Welstand en Monumenten gemeente Utrecht 11 februari 2003
notulen commissie welstand en monumenten gemeente Utrecht 11 februari 2003
Alle pagina's

Opening van de vergadering

De voorzitter opent de vergadering om 10.00 uur.

A        Ingekomen stukken en mededelingen

De secretaris deelt mee dat er een Mock Up gereed is van de gevel van het ontwerp van mevrouw De Brauwere in de Uithof. Ter vergadering wordt een afspraak gemaakt voor een bezichtiging op 17 februari 2003. In de vergadering van de commissie op 25 februari aanstaande zal hierop teruggekomen worden.

B        Notulen Commissie Welstand en Monumenten d.d. 28 januari 2003

De notulen zijn goedgekeurd mits aan de conclusie op blz. 3 punt D2 toegevoegd wordt ´op voorwaarde van aanpassing van de doorvalbeveiliging´.

C        Algemeen

C  1    Biltstraat 156

Voorstel plaatsing op de gemeentelijke monumentenlijst

Afdeling Monumenten

Mevrouw Van Santen licht toe welke interieurdelen van bijzondere betekenis zijn. Veel van die delen dateren uit de tweede helft van de 19-de eeuw. Een enkel element op de begane grond stamt uit het begin van de 20-ste eeuw.

Uit documenten blijkt dat al heel vroeg in zijn bestaan het complex verbouwd is. Gezien de geschiedenis van de stad, de rijkdom van de architectuur en de historische waarde van deze locatie, vindt de afdeling het terecht wanneer dit pand zou worden toegevoegd aan de gemeentelijke Monumentenlijst.

Conclusie

De commissie merkt op dat dit pand één van de weinige gave panden is uit het begin van de 19-de eeuw. Zij adviseert positief over het voorstel van de afdeling Monumenten dit pand op de lijst te plaatsen.

D          Bouwplannen

D1        Yalelaan (Uithof)

Principeplan voor diverse wijzigingen aan het gebouw van Diergeneeskunde

Aanvr. : Universiteit Utrecht

Ontw.: Diederen Dirrix van Wylick architecten

De heer Van Wylick treedt voor de behandeling van dit agendapunt terug als lid van de welstandscommissie.

De architect

De opzet en de opdracht

Architect Van Wylick licht toe dat het gebouw van met name de klinische afdeling van de faculteit Diergeneeskunde gerenoveerd zal worden met daaraan nieuwbouw toegevoegd.

Verwacht wordt dat het bouwproces zo´n 4,5 à 6 jaar in beslag zal nemen. Zo´n 16 bouwfases zullen worden onderscheiden. Elke bouwfase zal een eigen plan krijgen dat aan de welstandscommissie zal worden voorgelegd.

De opdrachtgever vraagt aanpassing van het gebouw aan de huidige tijd, vraagt isolatie en verbetering van oplossingen in logistiek- en in bouwfysisch opzicht; de gebruikswaarde van het gebouw moet worden verhoogd.

De bestaande situatie

De heer Van Wylick gaat in op de stedenbouwkundige situering van het gebouwencom-plex van Diergeneeskunde met een oppervlak van ruim 80.000 m², de ontsluiting van het complex in de Uithof en de plattegrond van het complex met de verschillende functies van de faculteit. Het complex kreeg in de loop van de tijd veel bijgebouwen.

De gangen in het bestaande lijken enorm op elkaar; zij hebben een gelijkwaardige ortho-gonale structuur, waardoor oriëntatie in het gebouw moeilijk is.

De voorgestelde ingrepen

De architect handhaaft een hoofdopzet van de bestaande architectuur: elk gebouw moest zijn eigen gezicht laten zien aan de straat.

Hij onderscheidt afzonderlijke ingangen in het gebouw voor gezelschapsdieren, landbouw huisdieren, en voor paarden.

Vanuit een aantal hoofdgangen, maakt hij onderscheid tussen gangen voor enerzijds de patiënten en cliënten, en anderzijds gangen voor docenten en studenten. De hoofdwegen (de primaire-) lopen van zuid naar noord, en de secundaire van west naar oost. De heer Van Wylick toont de looproutes van gebouw naar gebouw, en hij licht de organisatie toe waarmee hij de verschillende functies met elkaar wil verbinden.

Hij stelt zich een circuit voor buitenom, ten behoeve van expedities en transporten.

Ook stelt hij voor de afzonderlijke gebouwen in het complex te verkleinen. Daartoe zal een stuk van het nu bestaande complex worden afgestoten. Dat af te stoten deel zal voor andere doeleinden worden gebruikt.

Hij gaat in op zijn voorstel voor de materialisering van de gevel: een op poly-urethaan gelijmde steen. Hij is voorstander van gedeeltelijke handhaving van het boeiboord. Overigens neemt hij zich voor aluminiumbekledingsplaat te gebruiken. Met matglazen gezeefdrukte ramen wil hij komen tot gereduceerde lichttoetreding. Om de 1,60 meter staat in de gevel een betonnen kolom – daarmee staat het met die kolom veroorzaakte ritme in de gevel vast.

Conclusie

De commissie oordeelt positief over het zoeken van de architect naar duidelijkheid door met een structuurplan greep te willen krijgen op de stedenbouwkundige situatie.

Zij oordeelt negatief over de voorgestelde materialisering. Zij mist de strategie in de toe-passing van het materiaal met het oog op de door de architect gewenste helderheid in de structuur. Zij vraagt de architect na te gaan hoe op een meer strategische manier nieuwe materialen zijn te benutten die de helderheid van het structuurplan zullen ondersteunen. De commissie twijfelt er in hoge mate aan of dat bijvoorbeeld gedaan moet worden met steenstrips op poly-urethaan. Zij is van oordeel dat veel andere interessante materialen dit doel kunnen dienen.

De architect verklaart in zijn toelichting niet welk materiaal hij om welke reden waar in het complex gebruikt, gezien de duidelijkheid die hij zoekt.

De commissie wil over dit ontwerp graag een vervolggesprek waardoor het in het vervolg eenvoudiger zal zijn voor de commissie het plan in zijn afzonderlijke fases te beoordelen.

D2      Biltstraat/Bekkerstraat BV2026187

Principeplan nieuwbouwontwikkeling woningen met ondergrondse parkeervoorziening op het Nefkensterrein

Aanvr. :  Slokker Vastgoed Groep

Ontw.: Mulleners + Mulleners architecten

(zie notulen van 21/05 2002)

De architect

De heer Mulleners wijst op de brochure waarin hij puntsgewijs aangeeft op welke kritiek hij op welke wijze ingaat.

Globaal bestaat zijn ontwerp uit twee stedelijke pleinen die omarmd worden door sculpturale massa. Daarmee creëert hij ´in zichzelf gekeerde´ pleinen.

Hij gaat achtereenvolgens in op de oriëntatie van de woningen in de stedelijke context, de verschillende sferen van de beide pleinen, het inrichtingsplan voor het verhoogde plein, de rol van de bestrating in de gewenste sfeer.

Voorts gaat de architect in op de ontsluiting van het complex.

Hij toont voorbeelden om aan te tonen waarom hij op de door hem gekozen wijze omgaat met de sculpturale lijn: met verschillende elementen wordt de lijn als het ware ´opgeknipt´ in van elkaar te onderscheiden delen.

In antwoord op vragen vanuit de commissie licht hij de inrichting van de straten toe; een inrichting die zich ook keert tegen inrijdende auto´s. Een gebouw dat zich voordoet als entreegebouw vervult in dat opzicht bovendien een rol. Nooddiensten kunnen wel toegang krijgen tot de straat met de pleinen.

Conclusie

Commissie oordeelt in zeer positieve zin over de doorgaande sculpturale lijn van de bebouwing. Daarmee ontstaat duidelijkheid en overzichtelijkheid in het plan. Ook is de inrichting van de openbare ruimte duidelijker gekant tegen auto´s.

De commissie vraagt de architect met zorg de toegang van de parkeergarage te bekijken; zij vreest in meerderheid een ridiculisering van de architectuur door de auto´s door ´een klein boeren middeleeuws schuurtje´ te laten binnenrijden. Zij vraagt zich af of die entree meer verbijzonderd zou kunnen worden, zodat dit ´Dè entree´ wordt van de parkeergarage.

Voor het overige heeft de commissie alle waardering voor dit plan.

 



 

site-menu-rechts

   


copyright Notutekst  |  Artikel inzenden  |  Offerte opvragen